Rotterdam verleent eerste vergunningen deelmobiliteit

De aanbieders van deelfietsen en deelscooters die nu in de binnenstad van Rotterdam actief zijn, krijgen een vergunning en kunnen deelvervoer blijven aanbieden. Ook krijgt Rotterdam een nieuwe aanbieder voor elektrische scooters. Sinds 1 januari geldt een vergunningsplicht om ervoor te zorgen dat het aantal deelfietsen en deelscooters op straat aansluit op het aantal gebruikers. Ook helpt de vergunning om overlast van deelfietsen en deelscooters aan te pakken.

Rotterdam verleent eerste vergunningen deelmobiliteit Gemeente Rotterdam

Deelvoertuigen
Rotterdam biedt ruimte voor 6500 deelvoertuigen: 3000 fietsen, 2000 brom- en snorfietsen, 1000 elektrische steps en 500 bakfietsen en andere vormen van deelvervoer.
Voor elektrische steps, -bakfietsen en andere vormen van deelmobiliteit zijn momenteel geen vergunningen verleend. Het maximumaantal deelvoertuigen kan worden bijgesteld als er meer of minder vraag naar deelmobiliteit is.

Volgens wethouder Bokhove van Mobiliteit, jeugd en taal is het goed dat de huidige aanbieders een vergunning krijgen: "De deelfietsen en deelscooters die al in Rotterdam rondrijden, worden al veel gebruikt voor korte ritjes in de stad. Deelmobiliteit is niet meer weg te denken. Met de vergunningen zorgen we ervoor dat het aanbod meegroeit met de vraag, zonder dat er overlast is van niet gebruikte of slordig geparkeerde deelfietsen of deelscooters."

Nieuwe deelaanbieders
Naast de huidige aanbieders in de stad verwelkomt Rotterdam ook een nieuwe deelaanbieder voor elektrische scooters: Check. Net als GoSharing, dat startte vlak voor de invoering van de verplichte vergunning, biedt Check ook 400 elektrische scooters om te delen.

Mobiliteit verandert in de stad
De stad groeit, de economie verandert, het klimaat vraagt om andere keuzes én we willen de stad gezonder en inclusiever maken. Dat vraagt om een andere mobiliteitsaanpak: de Rotterdamse Mobiliteitsaanpak. Rotterdam zoekt een nieuwe balans in verschillende vormen van vervoer. Denk hierbij aan minder (en schonere) autoritten door de stad, meer gebruik van het openbaar vervoer, meer ruimte voor fietsers en voetgangers en het stimuleren van deelmobiliteit.